dinsdag 17 maart 2009

ONDER DRUK WORDT ALLES PLAT. Over verlies en hervinden van zin op je werk.

Dit stuk is ook gepubliceerd in Albert Camus, het vakblad voor geestelijk verzorgers.

Werk is op dit moment dé bepalende factor in onze samenleving, nog nooit hebben zoveel mensen, zowel mannen als vrouwen, zoveel tijd op de werkvloer doorgebracht. De manier van omgang met elkaar, de productiemiddelen en de omgeving zijn onherroepelijk van invloed op de omgangsvormen buiten het werk. Als men op de werkvloer de menselijke waardigheid vergeet slaat dat onherroepelijk over op de samenleving. Alleen al daarom is aandacht voor een werkplek waar men zich als mens gewaardeerd ziet van essentieel belang. Een plek waar men als mens kan groeien, op zijn of haar eigen tempo in een bad van integriteit en vertrouwen.
De realiteit is echter -zoals zo vaak- wat weerbarstiger. Het blijkt uit verschillende onderzoeken dat mensen hun werk veelal niet als zinvol ervaren. Zin is hier bedoelt als bezielt zijn met levenslust. Levenslust die bezielend antwoord geeft op de vraag, ‘waarom doe ik wat ik doe’, en ‘waarom ben ik hier’. Arbeid behoort deel te zijn van dit grotere ik, arbeid behoort zin te geven. Het behoort te passen in het grote plaatje van de bijdrage die elk individu hier op aarde wil leveren. Áls een bedrijf het gevoel kan geven van een zinvol ingebed zijn voelt de werknemer zich meer op zijn plaats, zich als mens gewaardeerd, is er minder sprake van ziekteverzuim, is men creatiever, beter en sneller. Een zogenaamde win-win situatie. Om dit te realiseren binnen de werkcontext is ruimte voor reflectie van groot belang. Vragen als ‘wat vind ik belangrijk in mijn werk?’ en ‘waar bloei ik van op?’ moeten de ruimte krijgen. Heldere antwoorden op deze vragen zijn essentieel voor het goed functioneren van werknemers en voor het klimaat in het bedrijf. Bewust in het leven staan en daarmee ook bewust in je werk gaan dan hand in hand.
Als onlangs afgestudeerde Godsdienstwetenschapper zie ik om mij heen een boel mensen die vol goede moed aan hun baan beginnen. Omdat het zo leuk is, omdat zij zich daar kunnen ontwikkelen, omdat de carrièreperspectieven zo ongelofelijk goed zijn. Er zijn zelfs een aantal die menen zich binnen de gekozen baan uitstekend te kunnen ontwikkelen. Ja zelfs hun idealen na te kunnen streven. Echter al snel komen ze erachter dat goede ideeën niet altijd gewaardeerd worden. Ze krijgen te horen dat ze ‘hun plek in de organisatie’ moeten weten, en als ze iets voor elkaar willen krijgen ze de paden moeten bewandelen die de organisatie voor hun heeft bedacht. Ze lopen vast in de structuur. Het blijkt in de praktijk lastig vast te houden aan je waarden, aan wat je belangrijk vindt, aan hoe jij graag zou willen (samen)werken. De zin in het werk gaat dan veelal verloren. Hoe los je dat dilemma op, hoe zorg je ervoor dat je de zin niet verliest?
Jonge mensen zijn gewend aan de netwerksamenleving, waar iedereen direct aanspreekbaar is, op gelijke voet staat en waar het om de ideeën en het hoogste ideaal gaat. Niet wie het doel realiseert staat centraal, maar dat het gerealiseerd wordt staat in het middelpunt. Samen, ieder in zijn eigen kracht. Wie hulp nodig heeft zal deze ook krijgen. Dit impliceert vertrouwen, wederzijds respect en integriteit. In de vrije sector schijnt dat te werken. Neem bijvoorbeeld martijn Aslander (www.martijnaslander.nl) Hij noemt zichzelf lifehacker, en laat in allerlei verschillende contexten zien hoe je leven een stuk handiger, eenvoudiger en beter georganiseerd kan worden als je handig gebruikt maakt van de gereedschappen van de 21e eeuw. Hij schept op een creatieve manier ruimte om weer te kunnen spelen met je gereedschap computer. Dit ‘kunnen spelen’ binnen je werk is voor mij een essentieel punt.
Wat mij opvalt in veel beroepen, zelfs in zogenamade Research en Development afdelingen heb ik het gezien, is dat de werkdruk zo hoog is dat er absoluut geen ruimte is om te innoveren. Juist die mensen van wie vernieuwing en creativiteit wordt verwacht blijken in de praktijk vaak overbelast te zijn. Vaak met taken die averechts staan op de eigenlijke inhoud van het werk. Men moet regelen, administreren, overzicht houden, alles wat wij tegenwoordig onder de term managen samen zouden vatten. Kortom, het dilemma van de professional die ‘corvee moet doen’ zoals Mathieu Weggemans dat zou noemen. Er is geen ruimte om ook eens een doodlopende weg in te slaan om te kunnen ontdekken dat ook hier interessante zaken op je pad kunnen liggen. Onder een dergelijke druk wordt alles plat. Mijn vriendin maakt dit aan den lijve mee. Zij heeft de leukste baan die er te bedenken is, kan al haar idealen realiseren en werkt met de beste mensen samen. En toch, om in de creatieve stroom te komen lukt alsmaar niet. De regelzaken staan haar in de weg. Ik stond versteld hoe snel zij daardoor de zin in haar werk verloor. Het verliezen van zin is dus zelfs in een vrije, creatieve omgeving mogelijk waar alle ruimte is voor reflectie. Zij doet nu afstand van ‘de corvee’ en gaat weer als professional bezig. Gelukkig heeft zij zelf de ruimte gezocht om te bezinnen, rust te nemen, te luisteren en te handelen.
Wat zij heeft gedaan is, zonder dat zij het doorhad, een beetje Benedictijns. Wil Derkse beschrijft een drie staps remedie uit de Benedictijnse kloosterorde die erg goed in onze huidige hectische tijd kan worden toegepast. Hij stelt dat wij af moeten van pseudo activiteit. Pseudo activiteit is de schijn ophouden dat wij druk bezig zijn terwijl wij energie en kwaliteit laten aftappen door zaken die niet in dat tijdvak thuishoren. Stabilitas oftwel ‘ dranbleiben’ en geconcentreerde aandacht voor waar je mee bezig bent is dan ook de eerste voorwaarde die hij noemt. Als tweede noemt hij Conversio morum ofwel, dagelijkse aandacht voor kwaliteitsverbetering. Steeds een klein stapje vooruit. Het derde punt is Obiedentia ofwel luisteren en gehoorzaamheid. Oplettend en gespitst zijn naar wat er werkelijk in je omgeving gebeurt, maar ook wat er in jezelf gebeurt. Invoelen wat nodig is en je werk en de klant of het product centraal stellen, niet jezelf. Echter, zonder jezelf te vergeten of over te belasten.
Deze drie simpele stappen gaan dieper dan ze op het eerste gezicht lijken. Zij zorgen ervoor dat er weer voedingsbodem kan ontstaan en scheppen ruimte voor wat ons bezield in ons werk. Een ruimte die zin geeft. Niet alleen zin in de diepere betekenis van het woord, maar ook als plezier. Het brengen en houden van zin in je werk is in eerste instantie een verantwoordelijkheid van het individu. Je zelf vragen stellen, luisteren naar wat je lichaam zegt en je niet te veel conformeren als de omgeving dit niet waardeert. Bij jezelf blijven is in deze erg belangrijk. Stel jezelf de vraag ‘ waar bloei ik van op?’ En ga vervolgens na wat er moet gebeuren om dit op jouw werkplek te realiseren. Het wordt dan mogelijk om een geïntegreerd leven te leiden. Simpelweg door je eigen morele waarden te verwezenlijken en deze vanuit innerlijke gedrevenheid en doorleefde motivatie de wereld in te dragen. Daar bloeit een mens van op. Als die ruimte niet wordt genomen, als die bloesems niet worden gevoed drogen zij uit en kunnen alleen nog in een kunstmatige kas overleven. Als iemand dan het licht uitdoet rest alleen nog maar duisternis. Het is daarom van belang je eigen verantwoordelijkheid te nemen en je niet al te afhankelijk van je omgeving te maken. Wees je eigen wegwijzer, juist daar waar niet over de zin wordt nagedacht.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten